aaaLeestekst 01

Uitspraakoefeningen onderaan.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.

Op school

Ik heb twee kinderen. Mijn dochter Eva is vijf en mijn zoon Max is tien.
Ze zitten op een Nederlandse basisschool. Eva zit in groep twee en Max zit in groep zes.
In Nederland beginnen kinderen vaak op vierjarige leeftijd met school.
Eva vond het geweldig om naar school te gaan! Ze speelt veel met haar vriendjes en vriendinnetjes.
We hebben Eva op tijd ingeschreven, want voor sommige scholen moet je dat heel vroeg doen. Gelukkig was er voor onze school geen wachtlijst.

Max kan zelf naar school fietsen. De school is niet ver weg.
Eva brengen we nog met de auto, omdat ze het fijn vindt om samen te gaan.
Na school gaat Eva soms naar de buitenschoolse opvang. Dat is handig, want mijn partner en ik werken allebei.
De kinderen vinden het leuk op school. Ze spelen veel, leren nieuwe woorden, en maken tekeningen.

Op mijn school vroeger was alles anders. De leraar was heel streng en we mochten bijna niets zeggen.
Maar nu is het anders. In de lagere groepen leren de kinderen door te spelen.
Ze zingen liedjes, luisteren naar verhalen, en ontdekken de wereld om hen heen.
In groep drie leren ze lezen en schrijven. Max kan al goed rekenen.
Op school leren de kinderen ook over geschiedenis, natuur en kunst.
Thuis hoeven ze niet veel huiswerk te maken, en dat vinden wij fijn.
Het belangrijkste is dat ze plezier hebben en graag naar school gaan.

Max moet binnenkort een middelbare school kiezen. Dat is spannend, want er zijn veel scholen. We gaan samen kijken welke school het beste bij hem past.

Toegang tot de microfoon toestaan.

Microfoon niet beschikbaar.

Schakel zo nodig de microfoon in bij de browserinstellingen.
Canvas not available.

Oeps, er ging iets fout.

Probeer het opnieuw.

Dank u

 

Luister, zeg na, neem op en vergelijk.

1.
Ik
heb
twee
kinderen.

2.
Mijn
dochter
Eva
is
vijf


en
mijn
zoon
Max
is
tien.

3.
Ze
zitten
op
een
Nederlandse
basisschool.

4.
Eva
zit
in
groep
twee


en
Max
zit
in
groep
zes.

5.
In
Nederland
beginnen
kinderen
vaak


op
vierjarige
leeftijd
met
school.

6.
Eva
vond
het
geweldig
om
naar
school
te
gaan!

7.
Ze
speelt
veel
met
haar
vriendjes
en
vriendinnetjes.

8.
We
hebben
Eva
op
tijd
ingeschreven, …


want
voor
sommige
scholen
moet
je
dat
heel
vroeg
doen.

9.
Gelukkig
was
er
voor
onze
school
geen
wachtlijst.

10.
Max
kan
zelf
naar
school
fietsen.

11.
De
school
is
niet
ver
weg.

12.
Eva
brengen
we
nog
met
de
auto, …


omdat
ze
het
fijn
vindt
om
samen
te
gaan.

13.
Na
school
gaat
Eva
soms
naar
de
buitenschoolse
opvang.

14.
Dat
is
handig, …


want
mijn
partner
en
ik
werken
allebei.

15.
De
kinderen
vinden
het
leuk
op
school.

16.
Ze
spelen
veel, …


leren
nieuwe
woorden, …


en
maken
tekeningen.

17.
Op
mijn
school
vroeger
was
alles
anders.

18.
De
leraar
was
heel
streng


en
we
mochten
bijna
niets
zeggen.

19.
Maar
nu
is
het
anders.

20.
In
de
lagere
groepen


leren
de
kinderen
door
te
spelen.

21.
Ze
zingen
liedjes, …


luisteren
naar
verhalen, …


en
ontdekken
de
wereld
om
hen
heen.

22.
In
groep
drie
leren
ze
lezen
en
schrijven.

23.
Max
kan
al
goed
rekenen.

24.
Op
school
leren
de
kinderen
ook
over
geschiedenis, …


natuur
en
kunst.

25.
Thuis
hoeven
ze
niet
veel
huiswerk
te
maken, …


en
dat
vinden
wij
fijn.

26.
Het
belangrijkste
is
dat
ze
plezier
hebben


en
graag
naar
school
gaan.

27.
Max
moet
binnenkort
een
middelbare
school
kiezen.

28.
Dat
is
spannend
want
er
zijn
veel
scholen.

29.
We
gaan
samen
kijken
welke
school
het
beste
bij
hem
past.

Scroll naar boven